Bezig met laden De actie op de pagina wordt geladen en verwerkt, een ogenblik geduld a.u.b.

Een duurzame, gezonde en comfortabele
Nieuwbouwwoning

Als je je eigen woning gaat bouwen kom je voor een hoop keuzes te staan. Welke architect, welke kleur baksteen, welke kleur voeg, wat voor type kozijn en zo kunnen we nog wel even door gaan. Naast alle beslissingen die je sowieso al dient te maken bij het ontwerpen en bouwen van je huis, is er nog een heel belangrijk onderdeel. Namelijk, welke keuzes ga je maken op het gebied van energie en duurzaamheid? Onderstaande pagina geeft informatie en uitleg over de landelijke ontwikkelingen en belangrijke aandachtspunten voor het ontwerp.

Stappenplan Duurzaam Bouwen

Meer weten over de stappen om een duurzame woning te bouwen? Download hier het stappenplan Duurzaam Bouwen!
Adviseur Duurzaam Bouwloket
Het bouwen van een woning breng complexe vraagstukken met zich mee en er zullen flink veel knopen worden doorgehakt. Gaan we de muren stuccen of behangen? Een houten vloer of gaan we toch voor een PVC-vloer? Ook op het gebied van duurzaamheid zijn er nog punten waar je over na moet denken. Daar helpen wij je graag verder mee! In de basis is je nieuwe woning al behoorlijk duurzaam. Toch zijn er mogelijkheden om je nieuwe woning nog duurzamer en energiezuiniger te maken. Duurzaam bouwen is toekomstgericht bouwen. Dat betekent een comfortabele, energieneutrale of energieleverende woning zonder aardgasaansluiting. Michiel - Adviseur Duurzaam Bouwloket

Landelijke ontwikkelingen en regelgeving

Vanuit het Rijk wordt steeds actiever gestuurd op het uitfaseren van het aardgasnetwerk en het aanscherpen van de bouwregelgeving, zodat ontwikkelaars en aannemers verplicht worden duurzamere woningen te bouwen.
 

Per 1 juli 2018 is het verplicht een nieuwbouw woning aardgasvrij te bouwen

Dat is vastgesteld in de Wet Voortgang Energietransitie (Wet Vet)
Meer informatie over Wet Vet
 

BENG-norm vanaf 1-1-2021

Vanaf 1 januari 2021 is de BENG norm in werking getreden. De BENG norm heeft de verouderde EPC norm vervangen. BENG staat voor Bijna Energie Neutrale Gebouwen. Bij het indienen van een omgevingsvergunning is het vanaf 1 januari 2021 verplicht om een BENG berekening toe te voegen. Onderaan deze pagina is meer informatie te vinden over deze nieuwe norm.
 

Energieneutraal & NOM

In de praktijk worden veel termen en definities door elkaar gehaald. Bij het bouwen van een woning is het handig om de betekenis van onderstaande begrippen te kennen.

  • Een Energie neutrale woning: Dit houdt in dat de woning over het jaar heen voor het woninggebonden energieverbruik (ruimteverwarming, koeling, ventilatie, verlichting en warm tapwater) net zoveel energie verbruikt als dat er lokaal duurzaam wordt opgewekt;
  • Een Nul Op de Meter (NOM) woning: Dit houdt in dat de woning over het jaar heen, voor woninggebonden verbruik en huishoudelijk verbruik (bijvoorbeeld computers, keukenapparatuur en losse apparaten), net zoveel energie wordt verbruikt (of minder) als er lokaal met duurzame energie op de woning/kavel wordt opgewekt.
     

Stappenplan Duurzaam Bouwen

Duurzaam Bouwloket heeft voor alle bewoners die duurzaam gaan nieuwbouwen een stappenplan ontwikkeld om tot een aardgasloze, gezonde, comfortabele en energie-efficiënte woning te komen. Zo kan jij als bewoner de belangrijkste overwegingen in het ontwerpproces op een rij zetten. Het stappenplan geeft in hoofdlijnen aan wat de belangrijke tips en aandachtspunten zijn en waar verder rekening mee gehouden moet worden. Bovenaan deze pagina is het stappenplan te downloaden.


Bekijk onderstaand de stappen die je kunt nemen om te komen tot een duurzame, gezonde en comfortabele nieuwbouwwoning.

 

Heb je een vraag?

Stel deze via ons contactformulier
 

 

Veel gestelde vragen


In veel gevallen is vanuit de gemeente, in het kavelpaspoort, al aangegeven hoe de woning georiënteerd en gesitueerd dient te worden op de kavel. Wel blijft een belangrijk aandachtspunt dat je bij het zongericht ontwerpen, met veel raampartijen op het zuiden, rekening houdt met de locatie van de raampartijen en overstekken voor natuurlijke zonwering. Natuurlijke overstekken kunnen er in de zomerse maanden voor zorgen dat de zon niet naar binnen kan schijnen. De zon staat dan hoog aan de hemel en het overstek zorgt dan voor schaduwval op de raampartij. In de winter, wanneer de zon een stuk lager aan de hemel staat, kan de zon wel naar binnen schijnen en helpen om de woning te verwarmen. Dit is uiteraard het geval bij een oriëntatie op het zuiden. Heb je veel raampartijen op het westen (of in mindere mate het oosten), dan is het vaak verstandiger om met zonwering te werken zoals bijvoorbeeld een zonnescherm. Het is ook mogelijk om een speciale coating in het glas aan te laten brengen. Door een lage(re) ZTA-waarde (zontoetredingfactor) aan te houden kan warmte worden buitengehouden, maar komt het licht wel de woning binnen. Bespreek de mogelijkheden altijd goed door met de architect en/of kozijnenleverancier.

Daarnaast dien je goed te kijken hoe je maximaal gebruik kunt maken van het dakvlak voor zonnepanelen. Bij een aardgasloze NOM-woning kan het aantal zonnepanelen zomaar oplopen tot circa 20 tot 28 stuks van 300wp. Bovendien kan het slim zijn om nu al in te spelen op de wijzigende regelgeving van de toekomst. Op dit moment kunnen we elk kWh wat we niet gebruiken, terugleveren aan het elektriciteitsnet. Na 2023 wordt dit afgebouwd en in 2031 krijg je alleen nog een vergoeding van de energieleverancier. Door de panelen te oriënteren op zowel het oosten als het westen kan je er voor zorgen dat er een veel gelijkmatigere opbrengst van elektriciteit over de dag binnen komt. Plaats je de panelen alleen op het zuiden? Dan heb je een piekopbrengst op het middaguur en zal je veel minder elektriciteit zelf kunnen gebruiken.

Denk ook na over de toekomst. Het kan slim zijn om enkele aanpassingen/voorzieningen te nemen, om de woning in de toekomst levensloopbestendig te maken. Op deze manier bouw je de woning ook dusdanig dat hij geschikt is om langer zelfstandig thuis te kunnen blijven wonen. Het is daarom verstandig om na te denken over het plaatsen van afvoeren, verwarming en tapwatervoorzieningen in bijvoorbeeld een  garage of werkkamer als je ooit deze ruimte wilt ombouwen naar een slaapkamer op de begane grond.

De belangrijkste stap bij het realiseren van een duurzame woning is het zorgen voor een duurzame schil. De schil van de woning bestaat uit de vloer (inclusief fundering), de gevels (inclusief kozijnen en beglazing) en het dak. Door hier hoogwaardige isolatie-eisen te stellen kan je het energieverlies tot een minimum beperken. Een woning met weinig energieverlies heeft ook weinig energievraag. De meerinvestering in hogere isolatiewaarden voor de schil zie je indirect terug in een lagere vermogensbehoefte (kW) van de verwarmingsinstallatie. Met andere woorden; er kan een kleinere (en dus goedkopere) warmtepomp geplaatst worden. Doordat de warmtepomp minder hoeft te verwarmen, verbruikt de pomp ook minder energie en kan je toe met minder zonnepanelen.

Bedenk hierbij dat het goed isoleren van de schil een eenmalige kans is. Het is zeer lastig of soms onmogelijk om na de bouw van de woning extra isolatie toe te passen.

Naast het inzetten op hogere isolatiewaarden van de schil, is het ook belangrijk om na te denken over de luchtdichtheid van de woning (Qv;10). Hoe lager de Qv;10-score, hoe minder naden en kieren er in de woning aanwezig zijn. Minder naden en kieren resulteert in minder warmteverlies. Wij adviseren om dit te laten testen door middel van een blowerdoortest/luchtdichtheidsmeting.

Wellicht de meest belangrijke afweging voor je nieuwe woning is de keuze voor het warmte afgifte systeem. Wij adviseren hierbij om altijd in de gehele woning laag temperatuur verwarming toe te passen. In de meeste nieuwbouwwoningen wordt inmiddels bij de begane grond en de eerste verdieping vloerverwarming toegepast. In sommige projecten wordt op de begane grond vloerverwarming geplaatst en op de verdieping speciale laag temperatuur radiatoren / convectoren. Het voordeel hiervan is dat je in de zomermaanden ook kunt koelen (bij de keuze voor een warmtepomp).

Qua verwarmingsinstallatie voor een nieuwbouwwoning bij aardgasloze woningen zien we de keuze meestal vallen op een warmtepomp. Bij grotere woningen wordt soms gekozen voor een houtpelletketel of een houtpelletkachel in combinatie met zonnecollectoren voor de warm water opwekking in de zomer. Kijk op onze pagina over pelletkachels/pelletketels voor de verschillen tussen deze twee systemen.

Infraroodverwarming wordt soms genoemd als duurzaam alternatief, maar dit zien wij meer als bijverwarming. Wanneer je een woning hier volledig mee zou verwarmen dien je namelijk een aanzienlijke hoeveelheid elektriciteit op te wekken om het verbruik te kunnen afdekken. Ditzelfde geldt voor elektrische vloerverwarming.

Bij het bouwen van een goed geïsoleerde, luchtdichte woning zal goed moeten worden nagedacht over ventilatie. Energiezuinige woningen worden tegenwoordig meestal voorzien van een centraal ventilatiesysteem met warmte terugwinning (WTW).  Voordeel van een WTW systeem is dat de warmte in de uitgeblazen lucht wordt afgegeven, via een warmtewisselaar, aan de ‘koude’ ingeblazen lucht. Hiermee wordt tot 95% van de warmte uit de uitgeblazen lucht teruggewonnen en afgegeven aan de koude ingezogen lucht. Deze zuurstofrijke opgewarmde lucht wordt dan in de woning geblazen. Zowel een normale ventilatiebox als een ventilatie unit met WTW functie kunnen uitgebreid worden met speciale functies. Via sensoren kan gestuurd worden op luchtvochtigheid in bijvoorbeeld de badkamer en het Co2 gehalte in de woning.

Vaak wordt de aanname gedaan dat natuurlijke luchttoevoer, via roosters in de kozijnen en mechanisch afvoer van lucht uit de woning middels afzuigpunten in de keuken, toilet en badkamer, kostentechnisch veel voordeliger is. Dit is echter lang niet altijd het geval. Bij de keuze voor een WTW systeem kunnen alle ventilatieroosters vervallen. Bovendien kan het terugwinnen van de warmte er voor zorgen dat een warmtepomp (met eventueel bijbehorende bodembron) tot 20% kleiner kan worden uitgevoerd. Ook hier is een kostenvoordeel mee gemoeid.

Een keuze voor ventilatieroosters zal, zeker bij het toepassen van drievoudige beglazing, een zwak punt zijn in het raamkozijn en daarmee een zwak punt in de schil van de woning. Daarnaast zal ook comfort een rol spelen. Ook al staan roosters dicht, ze kunnen in de koude perioden soms toch voor comfortklachten zorgen (koude infiltratie). Daarnaast is het voor sommige mensen esthetisch gezien niet wenselijk dat er ventilatieroosters worden toegepast in de raamkozijnen.

Kijk hier voor meer informatie over centrale balansventilatie met WTW.

Zelf elektriciteit opwekken is financieel een stuk aantrekkelijker dan energie afnemen van een energieleverancier. Om zelfvoorzienend te kunnen zijn in de volledige elektriciteitsbehoefte is het belangrijk om van te voren samen met een adviseur of installateur een inschatting te maken van het verwachte verbruik. Op basis daarvan kan een goede keuze gemaakt worden in het type zonnepaneel, vermogen en het benodigde vermogen. Bij een aardgasvrije woning met een warmtepomp kan het energieverbruik zomaar oplopen tot 6.000 à 7.000 kWh. Afhankelijk van de oriëntatie van de panelen kan dit oplopen tot 24 à 28 zonnepanelen. Er zal in het ontwerp al rekening moeten worden gehouden met voldoende dakoppervlak. Hou daarbij ook rekening met veranderende regelgeving van de toekomst. Na 2023 wordt het belangrijker om de opgewekte energie zoveel mogelijk zelf te consumeren. Plaats de zonnepanelen daarom op verschillende oriëntaties in plaats van alle panelen op het zuiden te oriënteren. Dit voorkomt een piekopbrengst in de middaguren.

Let in het ontwerp daarnaast goed op belemmering van bomen en/of omliggende gebouwen. Plaats bij voorkeur een dakkapel en doorvoeren aan de noordelijke zijde van de woning. Dit kan van positieve invloed zijn op het bruikbaar dakoppervlak of zelfs door schaduwval negatieve invloed hebben op de energieopbrengst van de zonnepaneleninstallatie. Naast het opwekken van elektriciteit kan ook middels zonnecollectoren warmte worden opgewekt voor de vloerverwarming of het tapwater.

Naast het energiezuinig en slim ontwerpen is het uiteraard ook belangrijk om slim om te gaan met apparatuur in huis. Zeer belangrijk is goed op te letten bij het uitkiezen van een douchekop. De doorstroomklasse geeft aan hoeveel water de douchekop verbruikt. Kies bij voorkeur een douchekop van doorstroomklasse Z (4,2 tot 6,9 liter per minuut). Dit kan de benodigde buffercapaciteit van een voorraadvat aanzienlijk verminderen. Kijk daarnaast naar A-label apparatuur, LED verlichting (kies de juiste dimmers), het inregelen van de aanvoer- en retour temperatuur van de verwarmingsinstallatie en een goede verdeling qua volumestromen, zodat iedere ruimte gelijkmatig opwarmt. Kijk ook naar de mogelijkheden voor opvang van regenwater met bijvoorbeeld een groen dak, infiltratiekratten of regentonnen. Hiermee kan de druk op het rioleringsstelsel worden verminderd.

Om een gezonde, aantrekkelijke en toekomstbestendige leefomgeving voor mens en dier te maken, moet de natuur een rol krijgen in het ontwerp. Dit noemen we ‘natuurinclusief bouwen’. Denk hierbij onder andere aan groene daken, groene erfafscheidingen, nestkasten en wateropvang. Om inspiratie op te doen heeft de gemeente Amsterdam een brochure opgesteld: ‘Natuurinclusief bouwen en ontwerpen in twintig ideeën’.

MPG staat voor Milieu Prestatie Gebouwen. Dit is een softwarematige berekening van de milieubelasting van de materialen die gebruikt worden om een pand te bouwen. Sinds januari 2018 geldt een wettelijke grenswaarde aan deze berekening. De MPG-score wordt vervolgens uitgedrukt in de schaduwkosten (in euro) per vierkante meter bruto vloeroppervlak per jaar. Per 1 juli 2021 wordt de grenswaarde verlaagd naar 0,8.

Om een MPG uit te rekenen, moet elk materiaal in een ontwerp worden geïdentificeerd en moet worden bepaald hoeveel er van wordt toegepast. Ondanks dat in de softwarepakketten veel met standaardproducten gewerkt kan worden, kost het goed uitrekenen van de MPG relatief veel tijd.

Gebouwdelen die de grootste bijdrage aan de MPG leveren zijn gevels, vloeren en installaties. In totaal is dit vaak 60% tot 80% van de MPG. Een en ander kan echter sterk variëren, afhankelijk van de geometrie en het installatieconcept. Een aantal voorbeelden die van invloed zijn op de MPG berekening:

- Bij het verhogen van de verdiepingshoogte met 10% wordt de score van milieuprestatie met 2% tot 3% slechter. Het geveloppervlak wordt daarmee namelijk groter bij een gelijkblijvend brutovloeroppervlakte;
- Bij een toename van het geveloppervlak bij een gelijkblijvend aantal m2 brutovloeroppervlakte (gevel/ BVO-verhouding) neemt ook de score van de milieuprestatie toe (MPG scoort minder goed). Een toename van 10 % in de gevel/ BVO-verhouding leidt tot een toename in de score van de milieuprestatie van enkele procenten. Een vierkant gebouw, zonder in- en verspringingen in de gevel, is materiaalefficiënt en scoort daardoor gunstig. Een patiowoning, of een woning met bijvoorbeeld erkers, uitbouwen en siergevels heeft relatief meer materiaal per m2 brutovloeroppervlakte en scoort daardoor ongunstiger dan gemiddeld;
- De open delen in de gevel hebben een hogere milieubelasting dan de dichte delen. Dit wordt onder andere veroorzaakt doordat de milieubelasting per m2 beglazing hoog is (zeker bij drievoudige beglazing). Een toename van 25 % in het aandeel open geveldelen leidt tot een toename in milieuprestatie van enkele procenten. Gecombineerd met een ongunstige gevel/BVO-verhouding kan dit tot een relevante verhoging van de milieuprestatie leiden.

Zie voor meer informatie: Handvat duurzaam materiaalgebruik voor bouw- en infrabedrijven.

Voor alle nieuwbouw, zowel woningbouw als utiliteitsbouw, geldt dat de vergunningaanvragen vanaf 1 januari 2021 moeten voldoen aan de eisen voor Bijna Energieneutrale Gebouwen (BENG).

Het ontwerp van een gebied en een gebouw wordt hierdoor belangrijker dan ooit. De energieprestatie van een gebouw zal worden uitgedrukt met drie indicatoren:

BENG 1: Terugbrengen van de energiebehoefte van gebouwen;

BENG 2: Beperken van het fossiel energiegebruik;

BENG 3: Benutten van hernieuwbare energie.

Daarnaast komt er een eis (TOjuli - temperatuuroverschrijding) om het risico op oververhitting te beperken.

Voor deze indicatoren zijn afzonderlijke eisen bepaald. Deze worden wettelijk vastgelegd en zijn in de plaats gekomen van voorheen gebruikte EPC. De EPC gaf slechts één waarde voor de energieprestatie van een woning. Binnen die waarde kon een matige score op het ene aspect worden goedgemaakt door een extra hoge score op een ander aspect. Dit is in BENG niet meer mogelijk.

Kijk voor meer informatie op www.RVO.nl/BENG

 

 

Op onze pagina met ervaringsverhalen delen wij ook ervaringen van kavelkopers. Wij verwijzen daarom graag door naar:

- Het verhaal van familie de Keijzer uit Heerhugowaard

- Het verhaal van familie De Veld uit Nieuwkoop